Kous

Ik zie vanuit een ooghoek dat hij tegenover haar gaat zitten. Te dichtbij voor een vreemde, waardoor ik even denk dat ze bij elkaar horen. Ze zouden oma en kleinzoon kunnen zijn wat leeftijd betreft, maar ze verschillen als dag en nacht wat betreft kleding en uiterlijk. Zij koket met gepommadeerd haar, parelsnoer en kokerrok. Hij onfris met zijn wijde blouse, wilde blik en plakhaar. Terwijl de conducteur de tram binnenkomt, die bij de beginhalte van het Amstelstation op hem staat te wachten, schuift de puber nog wat dichterbij totdat zijn knieën die van haar kussen. Hij kijkt haar indringend aan, zij kijkt de andere kant op. Met andere passagiers probeer ik in te schatten of ze hulp nodig heeft, maar ze lijkt niet onder de indruk. “Mooie kousen”, zegt hij dan tegen haar en volgt met zijn hand op tien centimeter de lijn van haar kuit tot haar enkels. Zijn wilde blik roept herinneringen op aan de Vieze man van Kees van Kooten. Als ze niet reageert, staat hij op en springt nog net uit de tram voordat deze vertrekt.

Geef een reactie